Blog

Blèh, ik schrijf een blog!

Deur in huis: ik vind het schrijven van een blog niet leuk.

Zo, dat is eruit. Nu hoop ik wel dat je het lezen van een blog wél leuk vindt. Want dit is er een. M’n eerste voor mijn nieuwe website. Want ja, er moest een nieuwe site komen. Niet dat de oude slecht was. Hij was HEEL ERG SLECHT. Tenminste, vanuit het oogpunt van een seo-kenner. Dat is iemand die voor de NSA had kunnen werken, maar besloten heeft zijn talenten in te zetten om de vindbaarheid van websites te verbeteren voor het toch niet zo alziende oog van Google.

Telefoonnummer

Mijn seo-kenner, Martijn Blaauw, is te beschaafd om het rechtuit te zeggen, maar mijn vorige site kon je via Google eigenlijk niet vinden. In zijn woorden: ‘95% van jouw traffic komt van rechtstreekse bezoeken.’ Oftewel: alleen mensen die me al kenden, gingen voor de zekerheid nog even mijn site checken. En ja hoor: daar bleek het telefoonnummer te staan dat ze al hadden. Dus.

Indexeren

Dat kon anders volgens Martijn. Bijvoorbeeld door méér tekst op mijn site te zetten. Terwijl ik als schrijver juist een olympische prestatie geleverd dacht te hebben door vrijwel géén tekst op mijn site te zetten. Helaas, om ‘geïndexeerd’ te kunnen worden moet je minstens stukken tekst van 200 woorden schrijven. Daar zit ik nu op, dus ik ga er bijna een punt achter zetten.

Scanbaar

O ja, waarom ik een blog schrijven niet leuk vind. Dat is omdat je aan allerlei regels moet voldoen waar ik geen zin in heb:

Ik wens je veel succes met mijn blog.

Communiceren is hertalen

Het is echt een vak om moeilijke, complexe zaken in begrijpelijke woorden te vertellen. Dat vak beheerst niet iedereen. Ik verzucht wel eens dat het jammer is dat communicatie geen wiskunde is. Dan was het een kwestie van de juiste formule uit de kast trekken om een gegarandeerd goed persbericht te schrijven.

Maar wat een goed persbericht is, heeft ook te maken met een bepaalde gevoeligheid voor taal en wat nieuws is. Een deel kun je leren maar een ander deel is aanleg, ervaring en soms ook geluk. Dus wees bedacht op hulp van je (inhoudelijk) deskundige collega’s: feitelijk juiste informatie is nog geen informatie die communiceert. Hertalen moet je!

En soms zul je als communicatiemedewerker of persvoorlichter ook zendingswerk voor je vak moeten verrichten. Zul je angstige collega’s moeten geruststellen dat ze toch serieus genomen zullen worden, ook al heb jij hun jargon vakkundig om zeep geholpen. Allemaal voor de goede zaak, om door zoveel mogelijk mensen begrepen te worden.

Bonustip!

Deze raad geef ik je door van de tuinman die 1 keer per jaar het woest woekerend struikgewas bij ons komt kortwieken en in antwoord op mijn steeds weer verschrikte blik uitroept: ‘Snoeien doet bloeien!’ Zo is het maar net: ook teksten knappen vaak zienderogen op als je er de schaar in durft te zetten. Een goed persbericht hoeft niet compleet te zijn, het moet communiceren!

Wat bedoellu?

Schrijf in eenvoudig, makkelijk te begrijpen Nederlands. Dit is het Europees vastgestelde taalniveau B1 dat 95% van de Nederlanders begrijpt. B1 is niet simplistisch of kinderachtig taalgebruik (‘Jip en Janneke’) maar vooral beknopt en eenduidig. Overigens: deze tekst heb ik met de Accessibility Leesniveautool getest en komt uit op niveau B2, wat betekent dat maximaal zo’n 30% van de Nederlanders zonder moeite begrijpt wat hier staat… Hieronder wat tips om het zelf beter te doen:

  • Beschrijf per artikel 1 onderwerp: schrijf anders nóg een artikel.
  • Gebruik ‘ankers’: kopjes, witregels en ‘bulletpoints’; dit zijn stapstenen voor sneller lezen.
  • Hou het kort: lange zinnen zijn onzinnen.
  • Hoe concreter, hoe beter: gebruik geen metaforen.
  • Geen jargon: dus in de vorige zin zou ‘beeldspraak’ een goed alternatief zijn geweest voor metaforen.
  • Schrijf cijfers als getallen: voor sneller lezen (en hogere betrouwbaarheid).
  • Geen afko’s: die vertragen het lezen. Schrijf een afkorting de 1e keer voluit.

Taakgerichte taal

Gebruik ‘taakgerichte’ taal wanneer je een tekst schrijft of aanpast (redigeren). Dat betekent dat je voordat je begint met schrijven je afvraagt: wat moet de tekst doen? Bijvoorbeeld: informeren, overtuigen, aanzetten tot kopen of downloaden. En dat je daarna controleert: en doet die tekst dat ook? Nog een aantal handigheidjes:

  • Bedenk wie je ‘ideale klant’ is: focus daarop je meest relevante informatie.
  • Welke waarde voeg je toe: geef aan waarin jouw aanbod zich onderscheidt.
  • Hou het simpel: eenvoudige teksten worden eerder en vollediger gelezen.

U-bochtconstructie: eerste hulp bij interviews

Je krijgt van journalisten soms vragen waar je je geen raad mee weet. Wat doe je? Je gebruikt de zogeheten U-bochtconstructie. Die zorgt ervoor dat je binnen een paar tellen weer de controle hebt over het interview. Hoe? Door je antwoord via een beleefde, maar korte erkenning van de vraag, naar je eigen verhaal en boodschap te leiden. Je neemt zo weer het initiatief over en bepaalt waar het gesprek volgens jou wel over zou moeten gaan.

Zeg bijvoorbeeld:

  • ‘Dat is een goede vraag. Waar het om gaat is namelijk…’
  • of: ‘De vraag waar het eigenlijk om gaat is…’
  • of: ‘Zo kun je er naar kijken, maar mijn organisatie vindt dat…’

In alle gevallen zeg je dus niet ronduit ‘nee’ tegen de journalist. Je neemt hem als het ware vriendelijk bij de hand om hem jouw kant uit te leiden. Journalisten maak je meestal niet blij met een U-bocht, maar als je maar consequent terugkomt op je eigen verhaal, zullen ze wel mee moeten. Anders loopt het interview op niks uit en ziet het publiek hem ook als een drammende zeur.

Nog een belangrijke tip voor de omgang met journalisten: nooit boos worden! Journalisten hebben het recht om alles aan je te vragen. Dat doen ze mede namens hun publiek die met dezelfde vragen zitten en waarvan zij de vertegenwoordigers zijn. Ook zal een journalist zich, zonder dat hij dat met zoveel woorden zegt, opwerpen als advocaat van de duivel. Dan zal hij op jouw uitspraken met kritische tegenwerpingen komen. Dat doet hij niet per se om jou te pesten, maar om door discussie het onderwerp helder op tafel te krijgen.

Omgaan met media: Boodschappen doen in 30 seconden

In je boodschap formuleer je het belangrijkste onderwerp dat je kwijt wilt in een interview of andere contacten met media. Zorg er daarom voor dat die boodschap makkelijk kan worden opgepikt. Voor radio en televisie is het belangrijk dat je in korte, krachtige zinnen kunt vertellen wat je vindt. De spanningsboog van kijkers en luisteraars wordt steeds korter, reden waarom redacties ook hun items steeds meer indikken. Bang als ze zijn dat hun publiek gaat wegzappen.

Zeg wat je zeggen wil in maximaal 30 seconden. Maar als het je lukt om er maar 20 te gebruiken, is dat nog beter! Uit onderzoek naar het gebruik van soundbites tijdens Amerikaanse verkiezingen, blijkt dat een kandidaat in 1968 nog weg kon komen met teksten die gemiddeld 42,3 seconden duurden. Tegenwoordig is dat minder dan 10 seconden!

Natuurlijk zit er een grens aan wat nog zinvolle communicatie mag heten. Maar het voorbeeld mag duidelijk zijn, het gaat niet alleen om wat je zegt, maar ook hoe lang je daar voor nodig hebt. Een compacte boodschap formuleren is razend moeilijk. Oefenen is daarom noodzakelijk. Grijp ook daarom elk interview aan als een kans om te oefenen. Pas als er echt een microfoon voor je neus staat, merk je of je boodschap werkt.

Mis geen tip van voor nieuws!





Eugène van Haaren

Van
‘Jouw verhaal in effectieve taal.’

Boeken

Zakelijk schrijven voor Dummies B1 schrijven Eugène van Haaren www.voornieuws.nl Schrijf snel en makkelijk effectieve zakelijke teksten!
€ 19,99 Bestel nu!


PR voor Dummies 3e editie Eugène van Haaren www.voornieuws.nl In de publiciteit komen? Ook jij kunt het! Echt waar.
€ 13,90 Bestel nu!

Nieuw! Van dezelfde auteur: Omslag Spiritueel bungeejumpen door Eugène van Haaren
€ 13 Bestel nu!