Nieuwsbrief

Trumptaal

Drogredenen zijn bedrieglijke, onjuiste of misleidende argumenten in een redenering. Bedrog dus. Maar, afhankelijk van je retorisch talent, smullen toehoorders er wel van. De Amerikaanse presidentskandidaat Donald Trump blijkt een grootgebruiker.

Cirkelredenering (‘petitio principii’) waarbij een mening wordt gebruikt als argument. Trump: ‘De pers is zo compleet oneerlijk, jullie moesten eens weten. Echt, jullie hebben geen idee. De pers is echt heel erg oneerlijk.’

Valse autoriteit: Vietnamveteraan John McCain is volgens Trump geen oorlogsheld. ‘Hij zou een oorlogsheld zijn omdat hij gevangen werd genomen? Ik hou van mensen die niet gevangen worden genomen.’ Omdat Trump het zegt, is het zo. Tevens cirkelredenering.

Praeteritio: zeggen dat je iets niet zult zeggen (en het op die manier toch zeggen). Zo zei Trump in een tweet dat hij journaliste Megyn Kelly van Fox News ‘geen bimbo’ (dom blondje) wil noemen, ‘omdat dit niet politiek correct is’. Daarmee had hij haar dus alsnog zo genoemd.

De man, niet de bal, het argumentum ad hominem, beter bekend als ‘op de man spelen’. In het geval van Trump vaak een vrouw: tijdens haar kritische vragen zou bij diezelfde Megyn Kelly volgens Trump ‘bloed uit haar ogen en haar ‘jeweetwel’ komen’. Opgevat als verwijzing naar menstruatie.

Non sequitur (het een volgt niet het ander): ‘Het concept van de opwarming van de aarde is gecreëerd door en voor de Chinezen om ervoor te zorgen dat Amerikaanse fabrieken niet met ze kunnen concurreren.’

Hoor graag of je er nog meer kent. Maar als je Trump liever wil vergeten, snap ik dat ook 🙂

PS: Sommige uitspraken van Donald Trump lijken regelrechte leugens. Maar, taalkundige en framingexpert, George Lakoff, heeft daar een heel eigen kijk op. Hij noemt ze ‘justified belief’, een gerechtvaardigde overtuiging. Elke keer als Trump zegt ‘geloof me, want ik heb zelf..’ treedt bij zijn luisteraars een soort hersenreflex in werking. Je hoort Trump zeggen dat hij iets gelooft, dan wéét je: het hoeft niet waar te zijn. Maar tegelijkertijd accepteert je brein de uitspraak wel. Onbewust accepteren we direct dat Trump een goede reden heeft om dit zo te zeggen. Het is per slot van rekening zijn eigen ervaring. Alleen bewust redeneren kan deze reflex doorbreken, aldus Lakoff in zijn artikel Understanding Trump’s Use of Language.

10 tips (plus 1): pitchen voor de pers

Afbeelding: Garden Media Group

Afbeelding: Garden Media Group

Wat bijna niemand je vertelt als je in de pers wilt komen, is dat je veel zult moeten bellen. Heel veel. Zelfs – en misschien wel juist – als je al een persbericht hebt verstuurd. Maar dan nooit vragen: hebt u het persbericht gekregen? Nooit! Immers: de tijd dat postkoetsen werden overvallen ligt alweer een poos achter ons. Hier de 10 tips + 1 waar je aan moet denken bij het ‘pitchen’ van je publiciteit.

Trouwens, voordat je aan de tips begint: bellen is niet altijd leuk. Ik weet er alles van. Het is ook arbeidsintensief. Maar je krijgt er een hoop voor terug: direct contact met de media. Je hebt ook een gelegitimeerd moment om alles aan een journalist te vragen: doorkiesnummer, mailadres, aankomende items, ontwikkelingen op de redactie… Als je het goed doet, en een echt gesprek weet te houden waaruit blijkt dat de journalist méér is dan een vinkje op je lijst, krijg je er betrokkenheid en begrip voor terug. En dat is heel wat waard op de lange termijn.

0. Spreek de waarheid, lieg nooit.
Spreekt voor zich, toch? Je kunt 1x liegen, daarna luistert niemand meer.

1. Zeg kort en duidelijk waar je voor belt.
Alleen al daarom is het verstandig om vooraf een persbericht te schrijven: de kop en de 1e alinea vormen de basis van je praatje.

2. Vraag NOOIT: ‘heeft u het persbericht gekregen?’
Doe alsof je neus bloedt en vertel wat je nieuws is. Dan hoor je vanzelf wel of iemand dat al in je eerder verstuurde persbericht heeft gezien. (Sorry journalisten, jullie weten zelf ook dat een beller hoe dan ook op meer belangstelling kan rekenen. Ook al zit je er niet altijd op te wachten).

3. Luister naar het antwoord en reageer daar op.
 Voer een gesprek, je bent geen callcenterrobot.

4. Durf een vraag te stellen als je iets niet begrijpt.
Wie vraagt is ‘dom’ voor even, wie zwijgt dom voor het leven (Chinees gezegde).

5. Bel niet vlak voor een deadline.
Of juist wel als je denkt dat jouw nieuws echt nog kans maakt om meegenomen te worden… Anders: je krijgt meer aandacht als je buiten de journalistieke spitsuren weet te blijven.

6. Zorg dat je persbericht klaar staat voor de redacteur die je spreekt.
Zo kun je meteen boter bij de vis geven en verwijzen naar je eerdere telefoongesprek.

7. Achterhaal welke redacteur jouw onderwerp ‘in portefeuille’ heeft.
Degene die opneemt is lang niet altijd degene die inhoudelijk over jouw onderwerp gaat. Dié moet je natuurlijk wel hebben. 

8. Ken de media die je belt.
 Dat kost tijd, jazeker. Maar een journalist die weet dat jij zijn artikelen leest of zijn item hebt gezien, is net een gewoon mens; iets toeschietelijker omdat je moeite hebt gedaan. Bovendien: dan weet je van tevoren waarom jouw nieuws voor deze redactie interessant zou kunnen zijn. Je komt beter beslagen ten ijs.

 9. Geen belangstelling? Praat verder over de dingen die komen gaan.
Zo merk je of vaker contact zinvol is en kun je de volgende keer terugkomen op jullie gesprek.

10. Vasthoudend zijn is goed, maar word geen stalker.
Je mag als een journalist best vragen wanneer hij iets met je nieuws gaat doen als hij enthousiast is. En bel dan gerust terug als er niks gebeurt. Maar als blijkt dat ander nieuws heeft gewonnen, ga dan niet zeuren. Alleen met nieuw nieuws, nieuwe kansen!

Heel veel succes/sterkte!

Met medewerking van Inge Klijn

Eugène van Haaren
Van
‘Jouw verhaal in effectieve taal.’
Zelf aan de slag?
Zakelijk schrijven voor Dummies B1 schrijven Eugène van Haaren www.voornieuws.nl Schrijf snel en makkelijk effectieve zakelijke teksten!
€ 19,99 Bestel nu!

PR voor Dummies 3e editie Eugène van Haaren www.voornieuws.nl In de publiciteit komen? Ook jij kunt het! Echt waar.
€ 14,99 Bestel nu!