Blog

Slechte redenen om moeilijk te schrijven

‘Lange zinnen met moeilijke woorden kan best, want mijn doelgroep is hoogopgeleid.’ Of argumenten van gelijke strekking hoor ik vaak in de cursussen B1-schrijven die ik geef. Dat klinkt logisch. Maar er klopt niks van.

Om te beginnen leest iedereen liever een korte dan een lange tekst. Er is simpelweg zoveel concurrerende informatie dat jouw tekst in zo min mogelijk woorden, zo informatief mogelijk moet zijn. Zie ook de content-aandachtparadox van de Ierse internetdeskundige Gerry McGovern.

Content-aandachtparadox Gerry McGovern

Content-aandachtparadox Gerry McGovern

Ook zijn hoger geletterden, mensen die makkelijk ingewikkelde zinnen lezen en begrijpen, in de minderheid. Nog geen 19% van de Nederlanders beheerst de hoogste taalniveaus. Dat blijkt uit een internationale studie naar taalniveaus van het Programme for the International Assessment of Adult Competencies (PIAAC).

Eenvoudige tekst: ook voor slimmeriken

Maar stel, je hebt uitsluitend een hoogopgeleide lezersdoelgroep, dan nog hebben ook zij baat bij eenvoudige teksten. Hooggeletterden profiteren op 3 manieren van vereenvoudigde teksten:

  • 25% meer lezers snappen de tekst of kunnen de taak afronden, bijvoorbeeld een formulier invullen of iets bestellen;
  • 64% minder leestijd kost de herschreven tekst;
  • 30% meer tevredenheid levert de vereenvoudigde tekst op.

Leestijd korter

Dit blijkt uit het onderzoek dat eigenlijk gericht is op lager geletterden Lower-Literacy Users: Writing for a Broad Consumer Audience van Jakob Nielsen. In het rechterplaatje zie je dat lager geletterden ruim de helft minder leestijd nodig hebben bij een eenvoudige tekst. En hoger geletterden doen in plaats van 14 minuten nog maar 5 minuten over de herschreven tekst.

Schrijftijd bespaart leestijd

En hoewel het niet moeilijk is, zal het je, zeker in het begin, veel tijd kosten. Maar wanhoop niet, dat hoort er gewoon bij! En als je baas begint te zeuren dat je wel erg lang bezig bent met een tekst, vertel ‘m dan gewoon dat jij hem daarmee veel tijd zult besparen. Jouw memo’s en mailtjes zal hij binnen enkele seconden kunnen doorgronden en van z’n takenlijstje kunnen schrappen. Hoe fijn is dat!

Trumptaal

Drogredenen zijn bedrieglijke, onjuiste of misleidende argumenten in een redenering. Bedrog dus. Maar, afhankelijk van je retorisch talent, smullen toehoorders er wel van. De Amerikaanse presidentskandidaat Donald Trump blijkt een grootgebruiker.

Cirkelredenering (‘petitio principii’) waarbij een mening wordt gebruikt als argument. Trump: ‘De pers is zo compleet oneerlijk, jullie moesten eens weten. Echt, jullie hebben geen idee. De pers is echt heel erg oneerlijk.’

Valse autoriteit: Vietnamveteraan John McCain is volgens Trump geen oorlogsheld. ‘Hij zou een oorlogsheld zijn omdat hij gevangen werd genomen? Ik hou van mensen die niet gevangen worden genomen.’ Omdat Trump het zegt, is het zo. Tevens cirkelredenering.

Praeteritio: zeggen dat je iets niet zult zeggen (en het op die manier toch zeggen). Zo zei Trump in een tweet dat hij journaliste Megyn Kelly van Fox News ‘geen bimbo’ (dom blondje) wil noemen, ‘omdat dit niet politiek correct is’. Daarmee had hij haar dus alsnog zo genoemd.

De man, niet de bal, het argumentum ad hominem, beter bekend als ‘op de man spelen’. In het geval van Trump vaak een vrouw: tijdens haar kritische vragen zou bij diezelfde Megyn Kelly volgens Trump ‘bloed uit haar ogen en haar ‘jeweetwel’ komen’. Opgevat als verwijzing naar menstruatie.

Non sequitur (het een volgt niet het ander): ‘Het concept van de opwarming van de aarde is gecreëerd door en voor de Chinezen om ervoor te zorgen dat Amerikaanse fabrieken niet met ze kunnen concurreren.’

Hoor graag of je er nog meer kent. Maar als je Trump liever wil vergeten, snap ik dat ook 🙂

PS: Sommige uitspraken van Donald Trump lijken regelrechte leugens. Maar, taalkundige en framingexpert, George Lakoff, heeft daar een heel eigen kijk op. Hij noemt ze ‘justified belief’, een gerechtvaardigde overtuiging. Elke keer als Trump zegt ‘geloof me, want ik heb zelf..’ treedt bij zijn luisteraars een soort hersenreflex in werking. Je hoort Trump zeggen dat hij iets gelooft, dan wéét je: het hoeft niet waar te zijn. Maar tegelijkertijd accepteert je brein de uitspraak wel. Onbewust accepteren we direct dat Trump een goede reden heeft om dit zo te zeggen. Het is per slot van rekening zijn eigen ervaring. Alleen bewust redeneren kan deze reflex doorbreken, aldus Lakoff in zijn artikel Understanding Trump’s Use of Language.

Opwinding over Apple

Het horloge van Apple is in de loop van 2015 verkrijgbaar © Foto Apple

Het horloge van Apple is in de loop van 2015 verkrijgbaar © Foto Apple

Voorop gesteld: zonder Apple zou je dit stukje waarschijnlijk nooit hebben gelezen. Omdat ik het simpelweg nooit had geschreven…

Ik herinner me namelijk een tijd waarin ik als aankomend journalist werd geacht van typemachine over te stappen op een Computer (ja, het was de tijd dat sommigen digitale vindingen met een hoofdletter schreven – een enkeling volhardt ook nu nog in ‘Internet’, maar dit ter zijde). En dat was een probleem. Mijn typediploma had ik ternauwernood na 2x gehaald, maar een apparaat waarbij ik in mijn eigen naam ‘alt138’ moest tikken om het accent op de juiste plek te krijgen en ‘onder water kijken’ als vooruitgang werd gepresenteerd om te zien of ik iets cursief had geschreven… Mijn hersenen kregen het maar niet verwerkt. Totdat daar de Macintosh was!

Logisch
De Macintosh deed wat mij logisch leek wat een computer zou doen: alles wat ik wilde. Wil ik een schuingedrukt woord, dan zie ik een schuingedrukt woord! Zo logisch en zo niet vanzelfsprekend 30 jaar geleden.

Taptic
Dinsdag, op dezelfde plek waar roerganger Steve Jobs de Macintosh aan het grote publiek toonde, presenteerde Apple een nieuw soort horloge. Een computer voor aan je arm, eentje die ook in staat is je hartslag te sturen naar iemand anders met een Apple Watch (vanaf $ 349). Ik kon het niet helpen om te bedenken dat ook de pornoindustrie – aanjager van talloze digitale vindingen als pop-upreclames, streaming video en online betalingssystemen – wel raad weet met de ingebouwde ‘taptic engine’.

Schilderswijk
Maar echt warm werd ik toch niet van. Ik kan op m’n smartphone (een iPhone, inderdaad) óók zien hoe laat het is. En ik ga hartje Schilderswijk niet met wearables ter waarde van ruim € 1.000 rondlopen, want dat nieuwe horloge werkt alleen als je er ook een iPhone aan koppelt. Bovendien – gevoelig voor ‘mooi’ als ik ben – ziet het ding er gewoon lomp uit.

Gekte
Kortom: gek dat werkelijk alle media zo ontzettend veel aandacht besteedden aan de presentatie van Apple-chef Tim Cook. Met voorbeschouwingen (pagina 3 in de Volkskrant!), nabeschouwingen (pagina 3 in NRC Handelsblad en de economiepagina, NOS en álle andere media). NRCQ probeert nog iets van afstand te nemen, maar komt niet verder dan de zwijgcultus en het gecontroleerde lekken als oorzaak van de publiciteitsgekte rond het na Google waardevolste merk ter wereld. Dat Samsung een slim horloge heeft dat kan bellen zónder dat je daarvoor verbonden moet zijn met een smartphone is de meeste mensen, al – het moet gezegd – bracht NOS er eind augustus een bericht over – waarschijnlijk ontgaan.

Geloof
In mijn boek PR voor Dummies haal ik Simon Sinek aan, auteur van Start with why. Die verklaart het enthousiasme over Apple doordat het bedrijf in alles uitstraalt ‘dat het anders, beter kan.’ Dit intrinsieke geloof waaróm je iets doet, je motivatie, is de kern van die communicatie. Er zijn genoeg bedrijven die zeggen dat ze een grotere, snellere en betere computer maken. Maar ze vertellen er niet bij waarom dat nou zo nodig allemaal moet. Met als gevolg: de klant haalt z’n schouders op.

Geforceerd enthousiasme
Mensen willen niet zomaar hebben wat een ander heeft, aldus Sinek. ‘Mensen willen iets waar een ander in gelooft, net zoals zijzelf.’ Misschien was dat wel het probleem toen ik video bekeek van de presentatie van Tim Cook: geforceerd enthousiasme en vooral veel opluchting dat het bedrijf het ding – min of meer – op tijd af had gekregen. Geen woord over of de Apple Watch überhaupt waterdicht is, maar wel dat er een zoveel-karaats gouden versie beschikbaar komt, speciaal voor de Aziatische markt die daar gevoelig voor schijnt te zijn. Apple lijkt steeds meer een gewoon bedrijf te worden. En dat is jammer; want ik hou van dingen waar mensen écht in geloven.

10 tips (plus 1): pitchen voor de pers

Afbeelding: Garden Media Group

Afbeelding: Garden Media Group

Wat bijna niemand je vertelt als je in de pers wilt komen, is dat je veel zult moeten bellen. Heel veel. Zelfs – en misschien wel juist – als je al een persbericht hebt verstuurd. Maar dan nooit vragen: hebt u het persbericht gekregen? Nooit! Immers: de tijd dat postkoetsen werden overvallen ligt alweer een poos achter ons. Hier de 10 tips + 1 waar je aan moet denken bij het ‘pitchen’ van je publiciteit.

Trouwens, voordat je aan de tips begint: bellen is niet altijd leuk. Ik weet er alles van. Het is ook arbeidsintensief. Maar je krijgt er een hoop voor terug: direct contact met de media. Je hebt ook een gelegitimeerd moment om alles aan een journalist te vragen: doorkiesnummer, mailadres, aankomende items, ontwikkelingen op de redactie… Als je het goed doet, en een echt gesprek weet te houden waaruit blijkt dat de journalist méér is dan een vinkje op je lijst, krijg je er betrokkenheid en begrip voor terug. En dat is heel wat waard op de lange termijn.

0. Spreek de waarheid, lieg nooit.
Spreekt voor zich, toch? Je kunt 1x liegen, daarna luistert niemand meer.

1. Zeg kort en duidelijk waar je voor belt.
Alleen al daarom is het verstandig om vooraf een persbericht te schrijven: de kop en de 1e alinea vormen de basis van je praatje.

2. Vraag NOOIT: ‘heeft u het persbericht gekregen?’
Doe alsof je neus bloedt en vertel wat je nieuws is. Dan hoor je vanzelf wel of iemand dat al in je eerder verstuurde persbericht heeft gezien. (Sorry journalisten, jullie weten zelf ook dat een beller hoe dan ook op meer belangstelling kan rekenen. Ook al zit je er niet altijd op te wachten).

3. Luister naar het antwoord en reageer daar op.
 Voer een gesprek, je bent geen callcenterrobot.

4. Durf een vraag te stellen als je iets niet begrijpt.
Wie vraagt is ‘dom’ voor even, wie zwijgt dom voor het leven (Chinees gezegde).

5. Bel niet vlak voor een deadline.
Of juist wel als je denkt dat jouw nieuws echt nog kans maakt om meegenomen te worden… Anders: je krijgt meer aandacht als je buiten de journalistieke spitsuren weet te blijven.

6. Zorg dat je persbericht klaar staat voor de redacteur die je spreekt.
Zo kun je meteen boter bij de vis geven en verwijzen naar je eerdere telefoongesprek.

7. Achterhaal welke redacteur jouw onderwerp ‘in portefeuille’ heeft.
Degene die opneemt is lang niet altijd degene die inhoudelijk over jouw onderwerp gaat. Dié moet je natuurlijk wel hebben. 

8. Ken de media die je belt.
 Dat kost tijd, jazeker. Maar een journalist die weet dat jij zijn artikelen leest of zijn item hebt gezien, is net een gewoon mens; iets toeschietelijker omdat je moeite hebt gedaan. Bovendien: dan weet je van tevoren waarom jouw nieuws voor deze redactie interessant zou kunnen zijn. Je komt beter beslagen ten ijs.

 9. Geen belangstelling? Praat verder over de dingen die komen gaan.
Zo merk je of vaker contact zinvol is en kun je de volgende keer terugkomen op jullie gesprek.

10. Vasthoudend zijn is goed, maar word geen stalker.
Je mag als een journalist best vragen wanneer hij iets met je nieuws gaat doen als hij enthousiast is. En bel dan gerust terug als er niks gebeurt. Maar als blijkt dat ander nieuws heeft gewonnen, ga dan niet zeuren. Alleen met nieuw nieuws, nieuwe kansen!

Heel veel succes/sterkte!

Met medewerking van Inge Klijn

Maandagochtend beste tijdstip versturen persbericht

TimingWat is het beste moment om je persbericht te versturen? Het korte antwoord: meestal maandagochtend. En het leerzame antwoord: het moment wordt minder belangrijk naarmate je groter nieuws hebt…

In de publiciteit komen doe je met echt nieuws. En dan maakt timing weinig meer uit. Er zijn 10 belangrijke factoren die bepalen of iets nieuws is. In PR voor Dummies ga ik er uitvoerig op in. Maar wil je de korte versie lees dan de samenvatting ‘9 plus 1 wetmatigheden van nieuws’. En, vooruit, om je klikken te besparen, in een aantal trefwoorden de 3 belangrijkste factoren op een rijtje:

  1. Omvang/impact: voor hoe meer mensen je bericht van belang is, hoe eerder het nieuws is.
  2. Conflict: heb je ruzie (en dan niet met de buren, maar minimaal de gemeente)? Dan val je eerder op. Lief zijn is fijn, maar meestal niet voor de media.
  3. Verrassend: is wat je zegt, of de vorm waarin je het brengt, nieuw? Dan kan een journalist het de moeite waard vinden.

Actualiteit
Actualiteit is ook een belangrijke factor. En die hangt nauw samen met de optimale timing van je persbericht. Actualiteit is wat nú – of binnen korte tijd – van belang is. En dus niet alleen voor jou persoonlijk, maar een zo groot mogelijke groep mensen. Media zien nieuws als een golf om op te surfen; niet ervoor en niet erna, dat is de truc.

Journalist en schrijver André Oerlemans is maar matig enthousiast als hem gevraagd wordt naar het geheim van het ‘juiste tijdstip’. Hij wil zichzelf niet brodeloos maken door al te veel onthullingen. Zijn jarenlange ervaring als redacteur voor onder meer het Algemeen Dagblad gebruikt hij om commerciële persberichten te schrijven voor ANP Pers Support.

Maandag en dinsdagANP Pers Support logo
Maar vooruit, hij is de beroerdste niet: ‘Weet wanneer redacties vergaderen. Op de meeste dagbladredacties wordt op maandag- en dinsdagochtend de planning van de week bepaald. Dan moet je zorgen dat jouw nieuws erbij zit.’ En dan maakt het volgens Oerlemans niet uit dat de journalistiek een 24-uursbedrijf is geworden met naar content hongerende websites en sociale media-accounts: ‘In het weekeinde en buiten kantoortijden werken er veel minder journalisten. En het zijn nog steeds mensen die persberichten moeten beoordelen en de berichten plaatsen.’

Het artikel Timing is alles voor een persbericht, op de website van APS, dat aanbeveelt juist nieuwsluwe momenten te benutten, zoals zondagochtend, verbaast Oerlemans dan ook: ‘Misschien moet ik eens met de auteur overleggen.’

financieele dagblad logoGeen nieuws op zaterdag
Handig om te weten: de maandagkrant is dunner en zit op vrijdag al zo’n beetje dichtgepland met sportverslagen en cultuurrecensies. En op donderdagmiddag is de zaterdagskrant zo goed als rond. Alleen voor laatste, grote actualiteit is daarna nog plek. Reken daarbij niet meer op de voorpagina, nieuws past niet meer bij het zaterdaggevoel, aldus het Financieele Dagblad. Weinigen kijken er meer van op, maar amper 3 jaar geleden was het nog taboedoorbrekend om jezelf op zaterdag ‘verwenkrant’ te noemen en, als een heuse raamexploitant, alleen nog te kiezen voor een ‘voorpagina die verleidt’.

Culemborgse Courant: donderdagCulemborgse Courant logo
Voor huis-aan-huisblad de Culemborgse Courant is het beste moment om onder de aandacht te komen van de redactie helder: donderdag. ‘De nieuwste krant verschijnt op woensdag, de dag erna starten we weer met een schone lei.’ aldus content-regisseur – ‘ik blijf ‘redacteur’ toch mooier vinden’ – Louis van Oort. En omdat lokale kranten met steeds kleinere redacties werken, wordt zelfwerkzaamheid beloond. ‘Wie zelf zijn bericht op de website plaatst via Deel je nieuws, maakt ook meer kans om in de gedrukte editie te verschijnen.’

Doe-het-zelfkrant
Nieuws voor lokale kranten weken van tevoren opsturen, hoeft niet meer aldus Van Oort. ‘We hebben een superkorte spanningsboog.’ De Culemborgse Courant heeft het liefst dat je voor 12.00 uur op vrijdag je bericht plaatst, graag meteen met een bruikbare foto. En voor dingen die zich afspeelden in het weekeinde heb je tot uiterlijk maandagochtend 10.00 uur de tijd. Daarna nemen je kansen aanzienlijk af.

Tijdschriften
Tot slot nog iets over timing en tijdschriften. Een persbericht sturen kan, maar bellen is vaak beter. Toen ik als persvoorlichter werkte voor de Hersenstichting Nederland, leek het me een goed idee om een aantal vrouwenbladen ruim voor de geplande jaarlijkse collecte tijdens de ‘Hersenweek’ te benaderen. Maar dat pakte toch iets anders uit. Mijn telefoontje in februari naar de redactie van weekblad Libelle, bleek glorieus te laat voor het aprilnummer dat ik in gedachten had. De redactrice die ik sprak was alweer druk bezig met de planning van de zomernummers…

PS: Ook weten hoe je een persbericht schrijft dat de media haalt, zelfs zonder optimale timing? Meld je dan nu aan bij Villamedia voor de cursus Persbericht: schrijven als een journalist op 13 mei.

Mis geen tip van voor nieuws!





Eugène van Haaren
Van
‘Jouw verhaal in effectieve taal.’
Zelf aan de slag?
Zakelijk schrijven voor Dummies B1 schrijven Eugène van Haaren www.voornieuws.nl Schrijf snel en makkelijk effectieve zakelijke teksten!
€ 29,99 Bestel nu!

PR voor Dummies 3e editie Eugène van Haaren www.voornieuws.nl In de publiciteit komen? Ook jij kunt het! Echt waar.
€ 14,99 Bestel nu!